Dinsdag 8 augustus: De schrijver aan het zwembad (vervolg)

We zijn ongeveer van dezelfde lengte en hij heeft donkerbruin haar dat een beetje krult. Hij ziet er niet uit als iemand die zijn tijd verspilt. Het zwembad herbergt zijn vriendin als enige gast. De zon strekt zijn armen naar links en rechts uit om de lucht te kleuren. Het boek dat hij over de Hezbollah en Libanon heeft geschreven, dat al een uur in mijn handen heeft gelegen, is door hem gemaakt. De zelfverzekerdheid en het gemak waarmee hij het zegt, overtuigen me dat het geen grap is.
‘De schrijver is een zwemmer. En ik kom hem hier tegen.’
‘Beiroet is klein,’ zegt hij, ‘en onder deze omstandigheden waarin ze wordt samengeknepen als een citroen, nog kleiner. Weldra zal ze zo klein zijn dat ze zich van de letters in haar naam moet ontdoen. Misschien is er een toekomst voor haar als typografische excentriciteit.’
Beiroet, voorbij, denk ik en complimenteer hem met het boek.

‘Vind je het erg als ik ga zitten,’ zegt hij en steekt een Camel-sigaret op. Hij biedt me er een aan, maar ik rook niet, zelfs niet als ik weet dat dat het gesprek misschien op gang brengt.
Ik vraag mijn zwembadgast hoe hij deze dagen beleeft.
‘Ik ga naar het zwembad met mijn vriendin en tel haar slagen. Dat levert grote meditatieve momenten op. En ik lees een boek van de Palestijnse dichter Darwish, Memory for Forgetfulness, dat hij schreef naar aanleiding van de bezetting van Beiroet in 1982 door Israëlische troepen. Ik probeer na te denken over plannen en projecten. Op de een of andere manier geeft deze oefening in koelbloedigheid me veel rust. En we proberen een normaal leven te leiden tussen de elektriciteitsstoringen door.’

Zijn boek is ook een persoonlijke zoektocht naar wat Hezbollah voor Libanon en voor hem heeft betekend. Hoewel de verzetsbeweging honderd procent zijn steun heeft, voelt hij spanning bij hun meer islamitische, doctrinaire gezicht. Maar die twee zaken worden nu strikt gescheiden gehouden.

‘Ik heb er discussies over met vrienden. Ze zeggen dat de Partij van God hun islamitische agenda hier in Libanon in 1992 hebben opgegeven zodat ze opgang konden maken in de Libanese politiek. En, zo zeggen commentatoren, ze zullen opgaan in het leger zodra alle gevangen zijn vrijgekomen uit de Israëlische gevangenis, de Shebaa vallei terug is in Libanese handen en de schending van het luchtruim en land door Israël is opgehouden.’
‘Dat kan nog een lang verhaal worden.’
‘Lange verhalen regeren deze streken, habibi,’ zegt hij.

Zijn vriendin aan de overkant maakt aanstalten om opnieuw het water in te gaan.
‘Ze is onverzettelijk. Het kan haar niet schelen wat er gebeurt, ze moet en zal naar het zwembad komen.’
‘En jij gaat mee?’
‘Ik probeer de kunst af te kijken.’
‘Ze kan goed zwemmen,’ zeg ik.

‘Weet je,’ zegt hij, ‘alle groepen die Libanon herbergt, hebben geprobeerd hun geschiedenis van dit land te schrijven op het moment dat ze de kans kregen. De maronieten hebben dat gedaan, de Druzen, de soennieten. Toen kwamen de Palestijnen die Libanon tot hun vignet maakten en tot springplank van de Arabische revolutionaire Renaissance. Israël heeft geprobeerd ook zijn stempel te drukken op dit land, heeft geprobeerd zijn eigen versie van het geschiedenisboek te schrijven. Dit is nu eenmaal een streek waarin het verhaal bepaalt wie aan het einde lang en gelukkig mag leven, al meer dan duizenden jaren lang.

Maar op de een of andere manier eindigt elk verhaal hier met een kruisiging. De gebroeders Grimm met hun nog-lang-en-gelukkig zouden nooit in het Midden-Oosten hebben kunnen leven. Het zijn grimmige verhalen, ik weet het, en de buitenwereld kan er alleen maar naar kijken door een lens die een puntje hoop toelaat; zo niet, dan wendt ze haar gezicht verschrikt af. Maar wij zijn gewend aan die verhalen. Laat ons maar leven met die kruisigingen, een kruis meer of minder op Golgotha doet ons geen pijn.’

De lucht wordt alsmaar strakker en blauwer totdat de zon het welletjes vindt en zijn vertekening van de hemel begint in te zetten. ‘En nu zitten we in het sjiitische verhaal. Hun verhaal was het meest trieste en ze werken nu aan hun overwinning en je moet hard werken wil je hier iets winnen, want winst betekent hier dat je nog niet verloren hebt. Maar hun geschiedenis wordt nu geschreven, op dit moment. Ze schrijven niet een geschiedenisboek, ze schrijven de geschiedenis in de kranten, op televisie en ze schrijven met Katjoesja’s op Haifa. Weet je dat ze dat nog maanden kunnen volhouden, dat afschieten van raketten?’

‘Is er een moment waarop de Libanezen zullen zeggen dat hun geschiedenis genoeg geschreven is?’
‘Welke Libanezen?’ vraagt hij verbaasd.
‘Jij?’
‘De Libanees is een amalgaam. In rust is hij Libanees, maar kennen wij ooit rust?’
‘De sjiieten zelf?’
‘Dat moment zal snel komen, maar in hun definitie van tijd en ruimte, niet de onze. Dus wanneer dat precies zal gebeuren, kan ik je niet vertellen, habibi.’
‘En vrede in het Midden-Oosten,’ vraag ik, terwijl ik zie hoe ze in het water duikt en het water laat opspatten, ‘wat betekent dat voor jou?’
‘Dit,’ zegt hij en wijst naar de ondergaande zon, ‘is voor mij vrede in het Midden-Oosten.’

Terwijl hij dat zegt doemt zijn vriendin tussen ons op.
‘Vertel hem geen teleurstellende verhalen die hij zelf wel kan bedenken.’
Ze schudt het haar in de handdoek en lacht naar niemand in het bijzonder.

1 Reactie op “Dinsdag 8 augustus: De schrijver aan het zwembad (vervolg)”


  1. 1 Isis Nedloni 8 augustus 2006 om 16:29

    Beste Abdel Kader,
    Prachtig beschreven moment van het nu en enkele stukjes van geschiedenissen waarbij, voor mij,de vriendin die lacht naar niemand in het bijzonder, even de metafoor leek van de vrede in het midden oosten. Waarbij de mens zich van de oeverloze zware geschiedenissen/identiteiten en interpretaties ,wisten te ontdoen….zoals het uitschudden van haar…….en opnieuw konden beginnen.
    -Misschien is de gewenning aan onrust(overlevingsmechanisme) ook een obstakel voor de vrede.Teveel chronische onrust kan immers de basis voor volgende oorlogen-
    Vriendelijke groet
    Isis Nedloni

De reacties zijn momenteel uitgeschakeld.