De slag die Nietzsche heeft gewonnen

door

Elke filosoof in de collectie boeken over twaalf Grote filosofen die het dagblad Trouw sinds deze week aanbiedt, wordt getypeerd met een karakteristiek citaat uit zijn werk. ‘Er zijn geen feiten, alleen interpretaties’, zei Nietzsche. ‘Durf te denken’, zei Kant. ‘Zuiver individualisme is een illusie’, vindt Charles Taylor. ‘Heersende gedachten zijn ideeën van de heersende klasse’, bedacht Marx. Het citaat van Marx was indertijd natuurlijk bedoeld om te zeggen dat het kapitalisme, de industriëlen en de bezittende klasse het leven en denken bepaalden en dat de niets of weinig hebbende grote massa maar naar hun pijpen moest dansen. En zo was het ook.

Nietzsche. Foto: Mr F. Hartmann

Maar het kan verkeren, ook met die heersende gedachten. Met het kapitalisme is gebeurd wat Marx voorzag: het is door zijn ongebreidelde zucht naar steeds méér in elkaar geklapt. Wanneer de uitkomst van de crisis zal zijn dat het kapitalisme alleen in een afgeslankte en gecontroleerde vorm kan voortbestaan, dan zal dit verdunde kapitalisme ook de ideeën van mensen minder gaan beheersen. Het zal zich daardoor minder opdringen. Het zal dan minder gaan om hebben en meer om zijn.

De vraag is of dat ook gaat gebeuren. Het kapitalisme is al geruime tijd een alliantie aangegaan met de massa omdat met de wensen van de niet-meer-zo-arme massa geld was te verdienen. Een uitvloeisel van het ongebreidelde kapitalisme is dat de cultuur in het teken is gaan staan van het amusement. Het kapitalisme is de motor en de dienaar van de amusementscultuur geworden. De heersende ideeën zijn nu de ingeloste wensen van de massa.

Hoe bepaalde ideeën een cultuur ook kunnen domineren, de minder op de voorgrond tredende ideeën zijn ondertussen nog springlevend. De bloei in de belangstelling voor filosofie is alleen maar te verklaren als reactie op het teveel aan amusement en populaire cultuur. Daar kon het leven toch niet alleen uit bestaan? Wanneer het amusement zich zo opdringt ontstaat een onhoudbare benauwenis, die zich een uitweg zoekt.

De amusementscultuur is zo oppermachtig geworden dat je zou denken dat denkers als Kant, Plato, Kierkegaard, Marx, Schopenhauer, Nietzsche of Montaigne daar helemaal geen rol meer in spelen. In termen van BNN en Facebook zouden ze hopeloos verouderd moeten zijn, volstrekt van een andere tijd. In zijn introductie van de twaalf filosofen van Trouw schrijft Ger Groot dat deze filosofen iets hebben dat hen behoedt tegen veroudering. En inderdaad, hoeveel BNN of Facebook ook om je heen zoemt, je hoeft ze maar open te slaan en ze maken die verrassende indruk tegelijk tot het verleden en helemaal niet tot het verleden te behoren: er is een knisperende spanning tussen hun vroeger en ons nu. Precies de spanning die het eigen denken wil voelen om op gang te komen.

Het eerste deel over Nietzsche van Michael Tanner is hier een goed voorbeeld van. Met zijn Heren- en Slavenmoraal behoort Nietzsche tot een ver weggezakte tijd, tot je ontdekt dat hij dit onderscheid ook psychologisch gebruikt. Dan wordt het de vraag hoeveel heren- en slavenmoraal iemand in zich heeft en in hoeverre die twee in een geest samengaan (‘innerhalb einer Seele’). In een ‘hoge cultuur’ gaan die twee volgens Nietzsche een verbinding aan.

De Übermensch van Nietzsche is in aanleg ook zo’n negentiende eeuws relict van een overspannen geest die boven zichzelf uit wil stijgen. Maar dan blijkt de Übermensch niet zo’n onwereldse heroïsche figuur te zijn, maar iemand die boven zijn particuliere en nationale gepruttel uit wil stijgen om bijvoorbeeld een ‘goede Europeaan’ te zijn. Dat Nietzsche in hem soms ook een bruut zag die korte metten wilde maken met van alles, moeten we dan even vergeten.

Dat Nietzsche op zoveel verschillende manieren kon worden gelezen, heeft alles te maken met zijn tegenstrijdigheden. Zijn impulsen leidden hem naar heroïek en naar generositeit, naar fatalisme en behoefte aan beheersing van het leven. Hij kon verlicht en conservatief zijn, hij verkondigde de dood van God en betreurde het, hij gaf af op de moraal, maar zag ook dat hij ‘noodwendig’ was. Het christendom was een verderfelijke religie, maar wel iets dat lang heeft kunnen werken. Hij was voor grootheid ten koste van goedheid. Nietzsche noemde zichzelf in een brief aan Peter Gast ‘een slagveld’: in hem werden alle cruciale religieuze, culturele en filosofische thema’s uitgevochten. Hoeveel begeestering heeft een mens nodig (zijn Dionysische behoefte)? Hoeveel vrijheid kan hij aan? Lokt democratie middelmatigheid uit? Hoeveel natuur moet zijn cultuur behouden? Hoeveel waarheid kunnen mensen aan? Maar was Nietzsche ook niet degene die ‘waarheid’ maar één zienswijze vond?

Wanneer gezegd wordt dat Nietzsche ‘als geen ander een stempel heeft gedrukt op de filosofie, de literatuur en de kunst van de twintigste eeuw’, waar heeft men het dan over? Waaruit blijkt die invloed, in een oogopslag? Nietzsche heeft zijn stempel op de cultuur gedrukt door zijn kritiek op het vergeestelijkte, benauwde, door regels, geboden en taboes beheerste christendom. Hij heeft de scheiding tussen lichaam en geest opgeheven en het door het christendom verdrongen lichaam met zijn emoties zijn natuurlijke waardigheid teruggegeven. Vandaar zijn sympathie voor het Dionysische, vandaar ook zijn kritiek op de ‘theoreticus’ Socrates. Nietzsche heeft het lichaam, het gevoel, de impuls en de erotiek gerehabiliteerd na de knechting ervan door het christendom. Maar hij heeft dat niet ten koste laten gaan van de verlangens van de geest, het denken en de wetenschap. Die slag heeft hij gewonnen.

 

Gepubliceerd op: | 1 Comment


  • http://www.facebook.com/franspeter.kuijl Frans Peter Kuijl

    Terwijl ik een cultuurbarbaar ben, sta ik door mijn geschrijf en filmen inmiddels wel in contact met enkele “culturelen” onder jullie.
    Nu ik dit stuk gelezen heb denk ik wat een intiem gebrabbel van culturelen onderling.
    Zoveel info zo ONhelder geschreven kan slechts bedoeld zijn voor hen die al cultureel zijn.
    Wel interessant waren de karakteristieke citaten van enkele boektitels in het begin van dit artikel.
    Kom maar naar de Presidio Film Studios in Eindhoven om voorlichting te verfilmen …
    Bye bye
    Frans Peter Kuijl

© 2012 Vrij Nederland De Republiek der Letteren en Schone Kunsten Disclaimer. Site aangedreven door Wordpress. Ontwerp door Tim de Gier.