Het Staal Principe

door

Van het Peter Principle hoor je niet meer zo vaak. Kennelijk komt het niet meer zo vaak voor, of je hoort er niet over, dat mensen worden gepromoveerd naar een functie waar ze niet geschikt voor zijn. De naamgever Laurence J. Peter had de prachtige functie van hoogleraar in de hiërarchiologie: hij wist alles van hiërarchie in bedrijven en instellingen. Naar analogie van het Peter Principle zou ik het Staal Principe willen introduceren. Het Staal Principe wil zeggen dat je zonder de klassieke zelfbeheersing, terughoudendheid en dienstbaarheid te hebben ontwikkeld toch een bedrijf bent gaan leiden. Bij voorkeur een semi-overheidsbedrijf, zoals de grootste Woningbouwcorporatie van Nederland Vestia, waar Erik Staal directeur van was. Dat bedrijf heeft hij in een financiële afgrond gestort, waarna hij met de noorderzon en drie en een half miljoen euro naar Bonaire vertrok om daar voor zichzelf een luxe villa aan zee te laten bouwen.

David Brooks

Het Staal Principe doet zich steeds vaker voor. David Brooks, de columnist van de Herald Tribune, had het onlangs over het boek Twilight of the Elites van Christopher Hayes waarin wordt betoogd dat de zo aantrekkelijk lijkende meritocratie, waarin het draait om  iemands eigen inzet en verdiensten, volledig is mislukt. Meritocratie heeft voor een groteske ongelijkheid gezorgd in Amerika: de 1% superrijken die even veel geld bezitten als de rest van de Amerikaanse bevolking: de 99%.  Wat mensen aan ‘merit’ in zich hebben kan er niet uitkomen omdat ze niet op de goede scholen en universiteiten kunnen komen omdat ze te duur voor ze zijn. Meritocratie zonder het bieden van gelijke kansen om je kwaliteiten te laten ontspringen leidt tot niets. In zijn boek The Price of Inequality laat Joseph E. Stiglitz zien dat Amerika al geruime tijd niet meer het land is waar je van krantenjongen nog miljonair kunt worden. Het is niet meer het land van de spreekwoordelijke mogelijkheden.

Meritocratie heeft ervoor gezorgd dat mensen met veel geld hun kinderen naar dure instituten gingen sturen om hen voor te bereiden op het toelatingsexamen voor een hoge school of universiteit, bij voorkeur een Ivy League-universiteit. Wie geen geld had kon dat niet. De belangrijkste tekortkoming is dat de meritocratie en de geld-elite geen ethisch bewustzijn werd bijgebracht. Vroeger, tot zo’n jaar of vijftig geleden, zorgden een gegoede afkomst, een confessionele opvoeding of een humanistische instelling ervoor dat een moreel bewustzijn werd bijgebracht. Daardoor liep men niet zo snel in de val van de hoogmoed, de hebzucht en het sjoemelen.

Max Weber in 1894

In Amerika had men daarvoor de Wasp-mentaliteit van de White Anglo-Saxon Protestants. Die was niet ideaal, maar er zat iets bij van de sobere protestantse moraal die volgens Max Weber de opkomst van het kapitalisme veroorzaakte. De Wasp domineerde in de negentiende en de eerste helft van de twintigste eeuw de universiteiten, de regeringsinstellingen, de financiële wereld en, wat Brooks noemt, ‘the local country clubs’. Sinds het midden van de vorige eeuw is deze hegemonie verbroken en zijn meer mensen van allerlei rang en komaf op leidende posities gekomen, ook in Nederland. Dat is alleen maar mooi, maar de sprong naar de elite-posities bleek vaak te hoog gegrepen: er was niet genoeg tijd voor het ontwikkelen van een bijbehorende fatsoenlijke mentaliteit. Men viel omhoog: het Staal Principe. De nieuwe geld-elite heeft daardoor niet voldoende ondergrond om de weelde van zo’n positie aan te kunnen: ze beginnen zich te gedragen als God in Frankrijk, er wordt op flinke schaal aan corruptie gedaan, of men wordt begoocheld door de jubelgedachte grootverdiener te zijn, zoals Hubert Möllenkamp van (alweer een) Woningcorporatie Rochdale. Hij is het Staal Principe in persoon.

Het Staal Principe is de morele variant van het Peter Principle. Het staat voor de afwezigheid van het idee dat het instituut waarbij je werkt groter is dan jezelf en langer mee moet dan jezelf. Dat roept vanzelf een zekere dienstbaarheid en bescheidenheid op. Dat idee is verdwenen bij de leiding van banken, de semi-overheid, nutsbedrijven en scholen. Het is jammer dat de christen-democratie het begrip ‘rentmeesterschap’ heeft geannexeerd, anders zou dat goed kunnen worden gebruikt. David Brooks heeft het over de ‘stewardship mentality’ die de Wasp-elite bezat: ze wisten dat ze tijdelijke beheerders waren van instituten die nog generaties mee moesten. Ook al wilden ze geld verdienen, er zat een duidelijke utilitaire gedachte bij. Ze zetten mensen die niet aan hun code van ‘gentlemanly conduct and scrupulosity’ voldeden genadeloos buiten de deur. De Wasp-mentaliteit had wel weer zo zijn eigen negatieve kanten: andere bevolkingsgroepen (zwarten, latino’s) kregen geen kans. Maar het idee dat het (met name) het zakenleven ook een moraal zou moeten hebben, zoals de rechtelijke macht en de gezondheidszorg, zit er in, en dat idee is aan herijking toe, als het al niet eindelijk geïntroduceerd zou moeten worden en standaard onderwezen op Nijenrode.

Gepubliceerd op: | 1 Comment


  • Jef Boven

    Eindelijk een artikel d

© 2012 Vrij Nederland De Republiek der Letteren en Schone Kunsten Disclaimer. Site aangedreven door Wordpress. Ontwerp door Tim de Gier.