Rutger Kopland (1934-2012)

door

Rutger Kopland is overleden op 77-jarige leeftijd, zo werd zondag bekend gemaakt. Hij zou op woensdag 11 juli in zijn woonplaats Glimmen zijn gestorven. In het archief vond VN drie artikelen over de populaire dichter.

Kopland, een pseudoniem van Rudi van den Hoofdakker, was naast dichter ook hoogleraar Biologische Psychiatrie aan de Rijksuniversiteit Groningen. ‘Ik denk niet dat we wisten dat hij ook psychiater was, allicht waren we dan wat wantrouwiger geweest’, schreef Rob Schouten in 2009 in Vrij Nederland over zijn kennismaking met Koplands poëzie in de jaren zestig. Schouten verklaarde in het artikel ‘Van paradijs tot paradox’ aan de hand van Koplands gedichten hoe ‘een dichter van vlotte en aansprekende jonge dichtersjaren evolueerde naar een wijze oude dichtersdag’.

In 1998 interviewde Annemiek Neefjes Kopland over de mechaniek van poëzie. Hij vertelde over zijn poëticale onderzoekingen, de invloed van wetenschap op het dichterschap, zijn inspiratie, studietijd en de oorlog. ‘Ik heb veel gezien, toch. Veel geproefd van dreiging en gevaar. Wat is de invloed van de oorlog op mijn poëzie geweest? Misschien dat extreme verlangen naar een paradijselijke situatie, terwijl het kwaad alom aanwezig is. De dood, de verstoring van het “ik ben er, ik zou eigenlijk wel willen blijven”.’

Rond de jaarwisseling van 1992 naar 1993 hield Kopland enkele weken voor Vrij Nederland een dagboek bij. De organisatie van het literatuurfestival Wintertuin had hem gevraagd een gedicht te schrijven over een kunstwerk van het gemeentemuseum te Arnhem. Kopland koos een stilleven van Wim Schuwmacher. Dat schilderij was zo anders dan de rest dat het Kopland leek alsof het een vergissing van de inrichter van de tentoonstelling betrof. ‘Ik wist niet wat mij intrigeerde, ik zag geen diepere bedoeling, ik zag alleen dat zichtbare. Juist daarom wilde ik over dit schilderij een gedicht maken. Want een gedicht maken is de vraag onderzoeken: wat treft mij.’ In zijn dagboek tekende hij de zoektocht naar deze vraag op, met alle aarzelingen, dubbelzinnigheden en gevolgen van dien. Hieronder vindt u in de bijlage het dagboek van Rutger Kopland.

[issuu width=420 height=279 printButtonEnabled=false backgroundColor=%23222222 documentId=120716092735-c2e98aae460e41c0a9671c009923b530 name=vn_kopland_20031993 username=vrijnederland tag=artikel unit=px v=2]

Lees ook de ‘In Memoriam Rutger Kopland’ van Carel Peeters. Volgens Peeters was Kopland ‘veel minder spontaan en als dichter veel meer een mecanicien, en constructeur dan men dacht, zoals de titel van zijn essays over poëzie ook zegt: hij was geïnteresseerd in Het mechaniek van de ontroering. Aan ontroering, getroffen worden door iets, aan verrast worden had Kopland geen gebrek, het ging erom die verrassing zo onder woorden te brengen dat hij niet in het particuliere bleef steken.’

Gepubliceerd op: | No Comments