‘Vrienden noemen mij dj Goebbels’
door Sander Donkers & David Kleijwegt
‘Kom ik chaotisch over?’ Carice van Houten drentelt onrustig door haar Amsterdamse appartement, op zoek naar iets eet- of drinkbaars om het bezoek aan te bieden. Dat is er niet.
De schamele inhoud van de koelkast bestaat uit spullen die lang over de houdbaarheidsdatum zijn – de actrice is dezer maanden bijna altijd op locatie. Allerlei inderhaast omgekeerde potjes waar thee in hoort te zitten, bevatten van alles, maar geen thee. Tegelijkertijd zoekt ze in haar laptop verwoed naar een passage uit het nummer ‘Particle of Light’, waarop ze een duet zingt met niemand minder dan Antony Hegarty. Maar wacht, dat kan ze natuurlijk veel beter laten horen over de ‘kom, hoe heet zo’n ding? O ja: versterker.’ Onderweg naar die versterker eist de vleugel in de hoek haar aandacht op. Wisten we dat Antony daarop heeft zitten spelen toen hij hier was? ‘Zó mooi! In mijn huis! En daarna hebben we naar Tootsie gekeken,’ zegt ze, terwijl ze terug snelt naar de keuken. ‘Man, ik kan het eigenlijk nog steeds niet goed geloven allemaal.’ Dan houdt ze triomfantelijk een theezakje in de lucht. ‘Eh, rooibos oké?’
Dus: chaotisch? Absoluut. Maar Van Houten is vooral enorm opgewonden en aanstekelijk enthousiast. Het is de eerste keer dat ze uitgebreid praat over haar debuut-cd, de eerste keer dat ze de plaat aan buitenstaanders laat horen, het eerste moment eigenlijk dat ze gedwongen is uit de muzikale cocon te treden waarin het de afgelopen maanden zo prettig toeven was. ‘De tijd in de studio was de beste uit mijn leven,’ zegt ze beslist. ‘Zonder enige twijfel. Je moest de lach echt van mijn gezicht af sláán.’
Uit haar laptop klinken embryonale versies van de opgenomen liedjes. Met geheven vinger eist Van Houten aandacht voor de bliepjes en samples waar ze zich aan heeft gehecht. Ze is nogal van de details. In de boekenkast staan vijf Gouden Kalveren half verscholen tussen allerhande parafernalia. Aan de muur hangt een prent van Gummbah, waarop twee gedrochten met knalrode waterhoofden naar een voorbij rennend gedrochtvrouwtje met een enorme bos schaamhaar kijken. Zegt de een: ‘Tja, we kunnen niet allemaal Carice van Houten zijn.’
Actrice-die-ook-zo-nodig-moet
Het is de dag waarop de cd gemastered wordt, wat betekent dat er daarna niets meer veranderd kan worden aan de muziek. Moeilijk, voor een controlfreak als zij. Later deze week moeten er andere ingrijpende beslissingen worden genomen. Zoals: hoe gaat ze zich straks noemen? Zal ze zich wel of niet van haar achternaam bedienen? ‘“Van Houten” bekt internationaal gezien misschien niet zo lekker,’ peinst ze hardop. ‘Maar is “Carice” niet een beetje te diva-achtig? Ik ben al mijn hele leven bang om als een diva gezien te worden. Wat vinden jullie?’ Dan, lachend: ‘Toch een beetje een existentieel crisismomentje, dit. Hélp, wie ben ik eigenlijk?’
Ook de titel van de plaat is nog ongewis. Opties te over, want ze bedenkt elke week wel een nieuwe. Een goede kandidaat is Here’s Your Bravery Test, omdat het precies uitdrukt hoe ze over haar avontuur in de muziek is gaan nadenken. Het is, zoals ze het zelf omschrijft, ‘een gevaarlijke move’. Met haar debuut schaart ze zich in een lange lijst van acteurs en actrices die een stap in de muziek waagden. Een lijst waarop de successen aanmerkelijk dunner gezaaid zijn dan de zeperds. Of herinnert u zich soms nog de platen van Keanu Reeves, Billy Bob Thornton of Stephen Seagal – om er maar een paar te noemen?
In 2007 werd Van Houten door het filmpubliek verkozen tot ‘beste Nederlandse actrice aller tijden’, sindsdien speelde ze rollen naast internationale grootheden als Tom Cruise, Leonardo DiCaprio en Jude Law. Ze reist van filmset naar filmset en leidt een voor de buitenwereld jaloersmakend leven. En nu dus ook nog een plaat. De kritiek is eenvoudig voorspelbaar: de zoveelste actrice-die-ook-zo-nodig-moet. En voor wie, omdat ze nou eenmaal bekend is, alle deuren wijd open gaan. ‘Daar moet ik me vanaf nu tegen gaan wapenen,’ zegt ze. ‘Maar ja, als je dit – of mij – kapot wilt maken, dan kan dat makkelijk.’
Jongensachtig
Hoewel haar frêle verschijning eerder het tegenovergestelde suggereert, noemt iedereen die haar kent haar jongensachtig. In haar manier van doen, in haar voorkeur voor grove humor: Van Houten is graag one of the boys. Ook haar obsessie met popmuziek zou je jongensachtig kunnen noemen. Neem bijvoorbeeld haar ringtone: ‘There’s a Light That Never Goes Out’ van The Smiths. Of neem haar neiging om via muziek te communiceren. ‘Als ik een bepaald gevoel heb voor iemand, vind ik dat vaak moeilijk om te uiten. Dan maak ik het liefst een mixtape, dat is dan mijn versie van een liefdesbrief. Hier heb je “All I Want” van Joni Mitchell, en zo zou ik graag willen dat de relatie zal zijn.’ Dan, bijna verontschuldigend: ‘Ja inderdaad: ik ben een romanticus, tegen de klippen op.’
Haar smaak neigt naar het melancholische. ‘Zolang ik me kan herinneren, luister ik naar muziek. Dat had zeker te maken met het feit dat ik bang was voor stiltes, en dat ik me vaak eenzaam voelde. Ik ben best een tobberig meisje, altijd geweest ook. Op kinderfoto’s van mij zie je een kat-uit-de-boom-kijker. Een verlegen grijs muisje. Muziek was voor mij een soort vriend die je nooit in de steek laat. Het kon me in een bepaalde sfeer brengen, wanneer ik maar wilde. Of me er juist uithalen.’
De laatste jaren trad Van Houten steeds vaker naar buiten als muziekliefhebber. Ze schreef een column voor Nieuwe Revu, zat regelmatig aan bij De Wereld Draait Door om haar favoriete singer-songwriters te introduceren en organiseerde een concertreeks in het Utrechtse Vredenburg, waarvoor ze muzikanten selecteerde die bij het grote publiek geheel onbekend waren. Ze is, kortom, een hartstochtelijk ambassadeur van haar eigen smaak. Dat ondervond ook Thomas Acda, toen hij Van Houten een paar jaar geleden bekende niets te hebben met Bob Dylan. Een dag later dwong ze hem te luisteren naar een speciaal door haar gefabriceerde Dylan-playlist. De teksten kreeg Acda er uitgeprint bij. ‘Vrienden noemen mij niet voor niets dj Goebbels,’ zegt ze lachend. ‘Ik kan behoorlijk dwingend zijn in mijn voorkeuren.’
Gehypnotiseerd
Dat Van Houten aan een eigen cd werkte, werd lange tijd angstvallig geheim gehouden. Tot april dit jaar, toen ze in het Amsterdamse People’s Place als gehypnotiseerd zat te staren naar een optreden van Howe Gelb, een cowboy met grijze baard en gelooide huid uit Tucson, Arizona. Naast haar zat JB Meijers, muzikaal duizendpoot, veelgevraagd producer en vooral bekend als gitarist van De Dijk en Acda en De Munnik. Na afloop vielen Van Houten, Meijers en Gelb, die met zijn band Giant Sand geldt als een veteraan in de alternatieve Americana, elkaar als oude vrienden in de armen. Ze bleken de kern te vormen van het project waarover de actrice haar begeestering niet langer kon verbergen. ‘Ik vind muziek maken zó veel spannender dan acteren,’ bekende ze die avond. Met een enorme bel whisky in de hand, want drinken doet ze ook al jongensachtig.
De kiem van het plan lag al in 2005, toen Meijers en Van Houten elkaar leerden kennen tijdens de Acda en De Munnik-musical Ren Lenny Ren, waar ze beiden in speelden. Ze hadden meteen een sterke muzikale connectie. De inhoud van hun iPods bleken, op Motörhead na, identiek. In busjes en kleedkamers spraken ze over de plaat die ze zouden gaan maken. Maar dat plan is, zoals Meijers het uitdrukt, ‘een beetje verzwartboekt’.
Het contact bleef. Toen JB Meijers in 2010 via de bevriende Amerikaanse muzikant-producer Ken Stringfellow werd uitgenodigd om een korte tour te doen met de legendarische groep Big Star, geesteskind van de overleden cultheld Alex Chilton, deed hij haar een voorstel: Big Star zou optreden in Van Houtens concertreeks in Vredenburg. En zij zou ‘You and Your Sister’ zingen.
Koudwatervrees
De muziekindustrie zat intussen op het vinkentouw, vooral nadat Van Houten tijdens een benefiet voor Haïti een nummer had gezongen met Kane. ‘No Surrender’ werd zowaar een grote hit. ‘Maar Carice hield alles af,’ zegt Paul Zijlstra, A&R-manager van haar platenmaatschappij EMI. ‘Het succes van dat nummer overviel haar en ze had koudwatervrees. “Ik ben een filmster,” zei ze. “Ik heb alles te verliezen met zo’n stap en niets te winnen.”’
Na Van Houtens optreden met Big Star informeerde Zijlstra weer eens bij Meijers. ‘Ik vroeg: wanneer gaan we nou eens een plaat maken met die vrouw? Bleek dat hij er op diezelfde dag weer over was begonnen tegen haar. Ik wist toen nog niet hoe goed ze zou gaan worden. Ze had een stem, dat wist ik, en ze had natuurlijk marketing value.’
Ditmaal hapte de actrice wél toe, ook omdat ze van EMI carte blanche kreeg. Ze beschikte inmiddels over een bescheiden netwerk in de internationale muziekwereld. De door haar bewonderde Howe Gelb had ze een jaar eerder in Madrid een briefje doen toekomen met een uitnodiging voor haar concertreeks in Vredenburg. ‘Een handgeschreven briefje,’ verduidelijkt Gelb. ‘Dat vond ik aangenaam old world in dit digitale tijdperk. Ik had geen idee wie ze was, maar voor dat soort dingen ben ik gevoelig.’ Toen Van Houten bij het optreden ook nog eens luidkeels de presentator verbeterde die Gelbs naam verkeerd uitsprak – het is How, niet Howíé – had ze definitief zijn hart gestolen. ‘Na afloop vertelde ze, vrij terloops, dat ze zelf een plaat ging maken, en vroeg me of ik liedjes zou willen bijdragen.’
In de zomer van vorig jaar toog Van Houten met Meijers en coproducer Ken Stringfellow naar de ICP-studio in Brussel. Gewoon, om eens wat te proberen. In oktober volgde een tweede sessie, nu ook met Gelb. ‘Die JB, man, die is briljant,’ vertelt hij. ‘En ik was verrast door Carice, die ik nooit eerder had horen zingen. Veel Franse actrices hebben door de jaren heen muziek gemaakt door heel, eh, intiem te zijn met de microfoon en zichzelf een weg te fluisteren door de songs. Maar zo is het bij Carice helemaal niet. Ze zíngt echt. Ze kan de noten raken die ze wil raken, ze kan een keel opzetten. En ze is een geloofwaardige verteller van het verhaal, het enige dat je echt nodig hebt als zangeres. Ik veronderstel dat haar andere baan haar daarbij helpt.’
Op slag verliefd
De producers en de zangeres reisden af naar Tucson, Arizona, om daar nog een week op te nemen met Gelb en zijn vriend, Sonic Youth-drummer Steve Shelley. Van Houten had eerder geregeld dat er een liedje van Gelb terechtkwam op de soundtrack van de Nederlandse speelfilm Jackie, die in dezelfde periode werd opgenomen in het naburige New Mexico. Ze bezorgde Gelb zelfs een rolletje als de broer van Holly Hunter, in de film de moeder van Carice en zus Jelka. ‘Denk je eens in,’ vertelt Gelb. ‘Het is tijd voor mijn allereerste scène ever. De regieaanwijzing is: je moet je zus omhelzen die je ruim dertig jaar niet hebt gezien. Die zus is Holly Hunter. Terwijl ik me daarop probeer in te stellen, komt Carice naar me toe met een duivelse glimlach, en fluistert in mijn oor: “Remember, you’re about to hug an Academy Award winner.”’ Hij lacht: ‘Op een bepaalde manier is Carice heel punkrock.’
Antony Hegarty leerde ze kennen in de maanden na haar Zomergasten-uitzending in 2009. In dat programma was ze zo lyrisch over Antony and the Johnsons, dat er in de daaropvolgende week duizenden cd’s over de toonbank gingen. ‘Opeens omarmde het Nederlandse publiek me met een grote warmte,’ laat de zanger vanuit New York weten. ‘Allemaal dankzij de invloed van Carice. Toen we elkaar ontmoetten, was ik op slag verliefd op haar open hart en haar prachtige creativiteit.’
Zelf herinnert ze zich vooral de tranen die ze plengde tijdens die eerste ontmoeting. ‘Het was een half uur nadat het was uitgegaan met een vriend. Zo’n verschrikkelijk “tot nooit meer ziens”-moment. Hij hoefde me maar heel even aan te kijken, of het begon vanzelf te stromen.’ Ze hielden er een innig contact aan over. ‘Laatst mailde hij me nog dat hij Zwartboek had gezien. Hij was helemaal in de war. “O, ik kan maar niet geloven dat je voor die Gestapo-man bent gevallen. Kind, denk toch na!” Maar hij schreef ook dat hij trots was mijn vriend te zijn. Zo lief!’
Ze polste Antony voor haar plaat, waarop hij ‘a friend exchange’ voorstelde: als zij in de nieuwe clip van ‘Cut the World’ van Antony and the Johnsons de keel van Willem Dafoe zou doorsnijden, zou hij zingen op het door Gelb geschreven ‘Particle of Light’. ‘Nogal een ruil,’ lacht Van Houten. ‘Ik dacht: da’s dan twee-nul voor mij.’ Ook de definitieve titel van de cd, See You On The Ice, is ontleend aan een uitspraak van Antony. Overigens schroomde ze niet om hem nog een extra keer naar de studio te vragen, omdat ze vond dat zijn zangpartij in een lager register beter tot zijn recht zou komen. ‘Toen hij daar eenmaal was, zaten JB en ik op de bank te kijken: daar staat-ie gewoon écht. Ik kon er haast wel om huilen.’
Een tikje bizar
Met zo veel aansprekende gastmuzikanten – ook Tom Waits’ meestergitarist Marc Ribot droeg een nummer bij, waarop hij zelf meespeelt – en met het voltallige Metropole Orkest dat meedoet op maar liefst negen songs, is See You On The Ice een plaat geworden waar de ambitie vanaf spat. De huidige single, uptempo-rocker ‘Emily’, is een misleidend visitekaartje, want verder is de cd onverholen melancholisch, soms zelfs bombastisch en een tikje bizar. Een eigenwijze plaat, met allesbehalve hitparadepop.
‘Het is de beste plaat die ik ooit heb geproduceerd,’ zegt JB Meijers stellig, als hij later op de middag aanschuift aan Van Houtens met papieren bezaaide tafel. ‘En dat is voor een groot deel te danken aan Carice zelf. Door haar ben ik de controle compleet verloren. Maar wel op een héél goede manier.’
Het oorspronkelijke plan: een stel goede liedjes verzamelen en opnemen, zorgen dat Van Houten ze mooi zong. ‘En hup: plaatje gemaakt. Maar tijdens de opnamen ging Carice helemaal open. Ze kwam met de mafste ideeën, dingen die je alleen maar kunt bedenken als je geen ervaring in de studio hebt, maar die wél bleken te werken. Was ik een mooi basgeluid aan het maken, riep zij: “Hier hoeft toch helemaal geen bas in?” Of: “Hier hoor ik een spinet, en daar moeten de strijkers een enorme bak herrie maken.” Er ontstond een soort creatieve toestand waarin ik niet meer kon zeggen: nee, het moet zó. Alleen nog: doe maar, ga maar. Dat was bijzonder verfrissend.’
Meijers spoorde haar aan zelf liedjes te gaan schrijven. Het keerpunt, zegt Van Houten, kwam toen ze op een avond met zijn tweeën overbleven in de studio. ‘Het was al één uur, JB zat achter een Wurlitzer en ik begon wat te zingen. We hadden tegen elkaar gezegd dat we een soort David Sylvian-sfeertje wilden. En het lukte: na een tijdje hadden we een echt liedje! Daar is het voor mij begonnen. Ik besefte: zo kan het ook. Natuurlijk is dat veel leuker dan andermans songs opnemen, hoe goed die ook zijn.’
Uiteindelijk schreef Van Houten mee aan meer dan de helft van de plaat. ‘Ik zie mezelf ook een beetje als producer,’ zegt ze niet zonder trots.
Voor Meijers was het ‘een totaal nieuwe beleving’. ‘Ik ben toch gewend aan dat mannetjesgedoe. “Dit is mijn noot, die heb ík verzonnen.” Je lul op tafel leggen en kijken wie de langste heeft. En dat was hier totaal niet aan de orde. Dit was meer…’ Hij wrijft peinzend over zijn kin. ‘Dit was meer als in je bed plassen en dat stiekem heel erg lekker warm vinden.’
In het gelach dat volgt, zie je het ineens voor je: dat Carice van Houten inderdaad liever ‘in een ranzig hok bier zit te hijsen met een paar jongens’ dan dat ze in sjieke kleedkamers de filmster is die het aan niets ontbreekt.
Baby
Een maand later loopt ze met haar mobieltje aan haar oor door de straten van Belfast, waar ze af en aan verblijft voor de opnamen van de populaire serie Game of Thrones. Drie afspraken voor een tweede interview moesten worden afgezegd vanwege een te druk opnameschema, nu offert ze haar lunchpauze. Was ze tijdens de eerste ontmoeting in een haast euforische stemming, nu klinkt ze vermoeid. En misschien een tikje zorgelijk. Het is de ochtend na haar zesendertigste verjaardag, die ze vierde door om half vijf op te staan. ‘Dat was nogal bruut,’ zegt ze. ‘Maar ik ben het wel gewend hoor. Er stond een heel lief taartje op de set. Maar goed, het was niet alsof ik op spetterende wijze achttien ben geworden.’
Opvallend aan Van Houten is dat ze niet bij machte lijkt een oppervlakkig promotiepraatje te houden. De plaat is klaar, de single ‘Emily’ is uit. En dat is, althans nu, vooral doodeng. ‘Het voelt echt alsof ik negen maanden lang een baby bij me heb gedragen, dat-ie nu naar buiten komt en iedereen er met zijn vingers aan kan zitten. En er iets van kan vinden. Die ervaring ken ik nog niet. Het is toch anders, veel persoonlijker, dan wanneer er een film uitkomt.’
Apetrots is ze op de plaat, iedereen moet hem horen, maar tegelijkertijd probeert ze zich af te schermen voor negatieve reacties. Daarin gaat ze ver: ‘Als ik iemand op YouTube mijn clip laat zien, leg ik mijn hand op het scherm om de reacties die eronder staan niet te hoeven lezen. Met Twitter was ik al bijna helemaal gestopt, omdat een paar mensen me stelselmatig aan het zieken zijn. Echt maar een paar hoor, de rest verheft me juist tot een soort God. Maar ik ben daar gewoon te gevoelig voor. Ik wil dat vergif niet in mijn leven.’
Uit alles blijkt dat er voor Van Houten meer op het spel staat dan het slagen of floppen van haar cd. Als actrice werkte ze in Nederland met ongeveer iedereen die ertoe doet, Zwartboek opende de deuren naar het buitenland. Maar de brandende ambitie om het in Hollywood te maken heeft ze nooit zo sterk gevoeld. Niet haar wereld, niet haar mensen. ‘En eigenlijk ben ik er al een beetje te oud voor. Dat klinkt heel zielig, en de eerste keer dat ik het hoorde moest ik ook wel even slikken. Zo van: o, het gebeurt mij nu ook, wat erg! Maar het werkt gewoon zo. Ik heb wel flink wat rollen gespeeld, maar de meeste waren heel eendimensionaal en dus niet zo interessant.’
Grijze muis
Toen ze anderhalf jaar geleden aan het project begon, zegt ze, stond ze al op ‘een tweesprong’. ‘Ik heb jarenlang ontzettend veel gefilmd en loop al tijden rond met een halve burn-out. Het was hoog tijd om eens even iets anders te doen. Het was misschien een goede tijd geweest om kinderen te maken, maar dat is op dit moment niet aan de orde. Mede daarom kwam de muziek als geroepen, want dat is ook een manier om verdieping te zoeken.’
Sinds het maken van de plaat speelde ze meermalen met de gedachte om helemaal met acteren te stoppen. Voor 2013 heeft ze voor de muziek alvast een half jaar vrijgemaakt in haar agenda. ‘Maar dan krijg ik een script opgestuurd en gaat het toch weer borrelen. Die liefde gaat niet een-twee-drie over. Er zit kennelijk iets in acteren wat me bevredigt. Maar ik heb het wellicht te veel gedaan.’ Te veel om nog verrast te kunnen worden? Ze reageert pijlsnel: ‘Te veel om er zelf gelukkig van te worden. Ik heb er het talent voor, dat weet ik, maar of ik er echt blij van word is weer wat anders.’
De ‘grijze muis’ die nog altijd in haar huist, zegt ze, voelt zich op zijn gemak op een filmset. ‘Daar kan ik hem goed verbergen, en soms zelfs gebruiken. Met muziek moet je meer met je billen bloot. Het is iets wat uit jezelf komt, je bent geen radertje in een groter geheel. Deze plaat is ook een poging om die grijze muis uit te dagen. Want ik vrees dat ik het mezelf nou eenmaal graag ongemakkelijk maak.’
Er zijn verregaande plannen om met See You On The Ice ook op tournee te gaan. ‘Moet ik weer een grens over.’ Dan, droog: ‘Ach, misschien ga ik wel gewoon dood van de zenuwen. Man, ik moet al bijna overgeven als ik erover praat. Ze kunnen met bier gaan gooien, ze kunnen roepen: “Mens, ga alsjeblieft weer acteren!” Wie er ook naar die concerten komt, ze zullen in ieder geval niet de actrice Carice van Houten te zien krijgen – God mag weten wie ze denken dat dat is…’
Lopend door de straten van Belfast ziet ze vandaag tal van beren op de weg. Zichzelf opnieuw uitvinden: dat is de fantasie waar ze steeds op terugkomt. Maar ze weet ook dat het bij die fantasie zal blijven. ‘Muziek geeft me het gevoel dat ik een nieuwe identiteit zou kunnen krijgen. Maar zo simpel is het natuurlijk niet. Ik ben al bekend. Het voordeel daarvan is dat ik een plaat als deze überhaupt heb kunnen maken, zo eerlijk moet je zijn. Maar de makke is dat ik niet meer zomaar anoniem in een fris, aanstormend bandje kan zitten.’
En toch, als Carice van Houten haar dromen de vrije loop laat, dan staat ze met haar ‘jongens’ in Paradiso – niet in De Kuip – voor een publiek van gelijkgestemde zielen die haar liedjes luidkeels meezingen. Zoals ze dat zelf zo graag doet, de gezamenlijkheid ervaren. Opgaan in het geheel. ‘Dát,’ zegt ze. ‘Dat zou ik willen. Het is gewoon communicatie natuurlijk. Net als acteren, daar ben ik ook niet aan begonnen omdat ik zo nodig beroemd wilde worden. Het is mijn manier om te communiceren. Als ik op het toneel voel dat de mensen met me mee-ademen, met me meevoelen, dan ben ík iets minder alleen, en zij zijn dat ook. Zo zit het, denk ik. Iedereen moet dealen met die eenzaamheid. En dit is wat je minder eenzaam maakt.’






